Maar wat deze wel weten is dat in dit woord ‘vijanden,’ of
‘politieke tegenstanders’ zoo als men bij verkiezingen zegt, een tooverkracht
ligt, groot genoeg om lieden levenslang tegen elkander in het harnas te jagen,
die, als zij in den beginne met elkander hadden gesproken, ontdekt zouden
hebben dat zij hetzelfde verlangden.’
‘Ondanks al dien spot, waart gij heden morgen druk bezig om
Van Hoven voor de eene of andere kandidatuur te winnen!’
‘Dat was ik, maar niet om een beginsel, maar om een persoon.
Ik schat het kiesregt hoog, en als ik meen iets ten goede te kunnen verrigten,
werk ik ijverig in de verkiezingen mede. Maar, nog eens, niet om de beginselen,
altijd om de personen. Zoo de kiezers hun hoofd niet verhitten met allerlei
afgetrokken politieke begrippen, waarvan zij toch voor het meerendeel niets
vatten, met partijleuzen en magtspreuken, die de kiezersvereenigingen als
etiketten voor hun - dikwijls bedorven - waar gebruiken, en indien zij zoo wijs
waren enkel op den persoon, op zijn karakter, op zijn daden, op zijn
bekwaamheden te letten, en de beginselen aan de mannen hunner keuze overlieten,
zooals zij het nu in elk geval met de toepassing moeten doen, zou het vrij wat
beter voor het land zijn! Ga ik naar de stembus - en
ik doe dit meest altijd - het is om de kansen van een kandidaat, die mij
bevalt, te vermeerderen, of als er zulk een kandidaat, zooals gewoonlijk, niet
is, om den minst slechte te doen benoemen. Uwe kandidatuur sta ik voor: niet
alleen omdat gij mijn vriend zijt, maar 1o. omdat gij tevens, zooals
ik weet, uwe betrekking eer zoudt aandoen, en er de pligten ernstig van
opvatten, en 2o. omdat gij geen politieke beginselen hebt.
In De Gids, jaargang1870, staat een recensie van de hand van Simon Gorter, de vader van Herman Gorter
Zóó wordt men lid van de Tweede Kamer is een geestig
boek, een boek vol menschenkennis en studie, een leerzaam en een doorwrocht
boek; maar of het, met zijn volslagen gebrek aan edele karakters en edele
motieven, met zijn cynische minachting der menschelijke natuur en zijn ongeloof
in de kracht van het goede, is een goed boek, dat zouden wij wel willen vragen.
Zulk een boek te kunnen schrijven is een benijdbaar voorrecht. Dit boek
geschreven te hebben is het daarom nog niet.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten