Mijne Heeren!
Hij die het woord tot u rigt is een Goirlenaar, niet van
geboorte, maar zekerlijk uit eigen keuze en overtuiging.
Ik zeg dit, omdat ik als Goirlenaar tot Goirlenaren spreken
wil, dat is, u op eenen grond wensch te
ontmoeten, waar de onverdelgbare gevoelens die ons vereenigen, in u en in mij
zich moeten verlevendigen, waar ik het regt, dat ik verdedigen wil, het beste
meen te kunnen doen gelden, en zonder de u verschuldigde kieschheid eenigermate
te kwetsen, mij daartoe bij u beroepen kan op het gezond verstand. Immers aan
de Goirlenaren wordt zeer bijzonder gezonde rede en verstand toegeschreven. Dit
maakt hen zoo kalm en bedaard, zoo bezonnen en praktiesch, en houdt hen meestal
in de wijze middelmaat. De gave moge dan niet schitterend zijn, zij is
degelijk; op gezond verstand drijft de wereld, niet op genie. Welaan dan, zijn
wij Goirlenaren, en laat ons redeneren! Het onderwerp is u maar al te bekend:
er moet eerlang gekozen worden.
(……) Ik spreek van
eenvoudige, van openbare feiten, welke de zaak aankondigen als meer en meer
nabij. Heeft, om iets te noemen, in ’t reeds voorleden jaar, de wethouder van
Lijst Riel Goirle niet openlijk en ten aanhoore van de gansche gemeenteraad
bekend gemaakt, dat de zoo dikwerf (….) Mannen, die ik niet alleen bij naam
ken, maar wier vriendschap ik mij tot eere reken, hebben mij verhaald wat hun wedervaren is. De een werd met
steenen geworpen, de ander in het aangezigt geslagen, een derde ontving een
vuistslag die hem den hoed van ’t hoofd deed vliegen, een vierde kwam men tot
tweemalen bespuwen, en hadde de achtingswaardige man, die reeds een stomp in
den rug ontvangen had, zich niet ijlings van daar gemaakt, de ramp die men
vreesde, neen wenschte, ware waarschijnlijk gevolgd. (….) Laat ons alle
spitsvondigheid, die welligt naar absolute mogelijkheden zoekt, ter zijde
stellen, en gelijk het Goirlesche gezond verstand het gewoon is, oordelen naar
de regelen des levens en der ondervinding: kan de zaak zelve goed, billijk,
regtvaardig zijn, die zich in dergelijke baldadigheden heeft uitgedrukt? Ik
blijf desondanks hopen op het Goirlesch gezond verstand; ofschoon, ik moet het
wel bekennen, dat verstand voor ’t oogenblik met vrij wat nevelen is omtogen.
(….) En daarom zeg ik u tot slot: geef uw stem liever aan het CDA, en als u
toch bezig bent: maak het vakje achter Kandidaat 4 rood!
Ik heb gezegd!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten